Mark & Annet, serie kinderboeken (19??)

mark-en-annet-op-de-plantage

In de serie: ‘Mark en Annet’ zijn vier kinderboeken verschenen (19..?).
Mark en Annet in Ethiopië – ISBN: 9026643985

Mark en Annet in Addis Abeba – ISBN: 9026644094

Marks uitkijkpost – ISBN:9026643993

Mark en Annet op de plantage – ISBN: 902664423x

Het zijn leuke boekjes die het verhaal vertellen van de familie van der Linden. Mark en Annet gaan met hun ouders mee naar Ethiopië waar hun vader gaat werken op een suikerplantage. De eerste weken in Ethiopië zijn voor de kinderen en hun ouders erg vreemd. O.a. de taal en leefgewoontes zijn zo heel anders dan ze gewend zijn. De kinderen beleven van allerlei spannende dingen en kijken hun ogen uit. Het zijn vlotte boeken vol met avonturen in een bijzonder land. Voor jongens en meisjes (9- 11jaar).

De boeken zijn geschreven door: Corry Blei-Strijbos en uitgegeven door Callenbach B.V. Nijkerk.

De tempel van Yeha

Yeha, ©Lou AndreoliAls je vanuit Adi Abun richting Adigrat reist passeer je een onopvallend bord dat naar Yeha verwijst. De weg is slecht maar de omgeving is bijzonder. Je kunt vanuit de verte de ruïnes van de tempel van Yeha zien liggen; het complex ligt namelijk op een heuvel. Het is omgeven door een muur van kleine gepolijste stenen die naar schatting rond 500 v.Chr. is opgericht. Binnen het ommuurde terrein bevindt zich een soort museumpje, een kerk en de ruïne van de tempel die gewijd was aan de maangod Almouqah. De tempel is opgetrokken uit grote brokken zandsteen die zonder specie op elkaar zijn gestapeld. Voor de oude begraafplaats staat een opgerichte steen die een voorloper zou kunnen zijn van de latere steles van Axum. De kerk op het terrein is gewijd aan Abba Atfese. Volgens de legende was hij één van de negen heiligen die uit Edesse kwamen. Zij werden in meerdere delen van Ethiopië vervolgd, maar Abba Atfese werd door een engel gered en naar Yeha gedragen.

 

Yeha, ©Lou AndreoliHet dorpje stelt niet veel voor. Als je de auto uitstapt wordt je, zoals overal in Ethiopië, direct omgeven door kinderen. Ze gaan in optocht met je mee naar de ingang van het tempelcomplex waar ze blijven wachten tot dat je terugkomt.Yeha, ©Lou Andreoli

De Heelmeesters (2009)

De heelmeesters

Flaptekst: De heelmeesters beweegt zich tussen twee continenten en bestrijkt de levens van de tweelingbroers Marion en Shiva, die hun leven lang op zoek zijn naar de reden waarom hun vader hen in de steek heeft gelaten. De Heelmeesters is een indrukwekkend verhaal vol verbeeldingskracht dat de lezer diep raakt. Een onvergetelijk portret van twee boers, een ode aan de geneeskunst en een familiesaga over vaders en zonen, macht en compassie, vertrouwen en verraad.

Auteur: Abraham Verghese (1947) zoon van Indiase ouders groeit op in Addis Ababa, waar hij onder meer de val van keizer Haile Selassie en de opkomst van het communistische regime meemaakte. Na een tussenstop in Madras begon hij in de jaren tachtig in de Verenigde Staten aan zijn carrière als arts en werkte jaren als aidsbestrijder op het platteland. Hij schreef eerder twee non-fictieboeken. De Heelmeesters is zijn eerste roman.

Titel: De Heelmeesters – Auteur: Abraham Verghese – Uitgever: De Bezige Bij, 2009 – ISBN: 9789023440581 (Roman)

Recensie: De 50-jarige chirurg Marion Stone kijkt, vanuit een wat eigenaardig perspectief als alwetende ik-verteller, terug op zijn veelbewogen leven. Hij werd geboren in Ethiopië als deel van een tweeling, kinderen van een Indiase non die de geboorte niet overleefde en een Engelse chirurg die bij de bevalling bijna een fatale fout maakte en op de vlucht sloeg. Marion en broer Shiva worden grootgebracht door een Indiaas artsenpaar in een land vol politieke onrust. Liefde voor dezelfde vrouw maakt dat de broers tegenover elkaar komen te staan, waarna Marion noodgedwongen Ethiopië ontvlucht en naar Amerika trekt. Ook daar laten het verleden en de familiebanden hem niet los. Verghese, beroemd medicus en professor aan Stanford University, schreef een omvangrijke debuutroman die een bij vlagen pakkend maar nogal dik aangezet verhaal vertelt. De heftige gebeurtenissen, die wat voorspelbaar zijn – volgen elkaar snel op en worden afgewisseld met van vaktermen vergeven beschrijvingen van medisch stuntwerk. Een monumentaal boek, in veel landen vertaald, dat uiteindelijk teleurstelt. Kleine druk.(NBD\Biblion, F.Hockx)

Ethiopië, de erfenis van een keizerrijk (1998)

Ethiopie, de erfenis van een keizerrijk

Flaptekst: Er zijn veel manieren om tot het hart van een land door te dringen. Wie niet het voorrecht heeft om erheen te kunnen reizen kan gebruik maken van wat bewoners van het land zelfs in teksten en beelden hebben vastgelegd van wat hen beweegt. Dit lees- en kijkboek wil langs deze weg iets onthullen van het hart van Ethiopië of, beter gezegd, van de Ethiopiërs, de bewoners van dit enorme Afrikaanse land, oud, uitgestrekt, zo divers, en zo slecht bekend buiten zijn eigen grenzen. Het is niet zo dat we helemaal niets weten: onze kranten- en televisiereporters stonden paraat bij conflicten, hongersnood, oorlog. Maar er is ook een ander Ethiopië, een land met een trotse geschiedenis, een grote culturele rijkdom, een land met stijl en karakter, een land dat leeft in de ziel van zijn bewoners. Dat land leeft onder meer in de verhalen, kunstwerken en gebruiksvoorwerpen die hier in ‘Ethiopië, de erfenis van een keizerrijk’ zijn bijeengebracht.

De auteurs: Dit boek is samengesteld naar aanleiding van de gelijknamige tentoonstelling in het Tropenmuseum te Amsterdam van 11 augustus 1998 tot 17 augustus 1999. Samensteller: P. Faber en N.Mekonnen.

Titel: Ethiopië, de erfenis van een keizerrijk – Uitgegeven: Koninklijk Instituut voor de tropen, Amsterdam 1998 – ISBN: 90 6832 286 9 (Het boek is nog 2e hands te verkrijgen of te lenen in de bibliotheek)

Recensie: In het Tropenmuseum wordt tot augustus 1999 een tentoonstelling gehouden over Ethiopie. Dit boekje is geen catalogus maar een verzameling van verhalen en korte teksten, religieus, profaan, historisch of hedendaags. Het begint met een verhaal van de ontmoeting tussen Salomo en de Koningin van Scheba, waaruit de dynastie ontstond waarvan Haile Selassie de laatste (225ste) keizer was. De verhalen over de grote heilige Tekle Haymanot, over Maria verering, over oorlogen, over het huwelijk, over de keizer, over het schrikbewind van de Derg, enz. En een fragment uit de beroemde roman ‘Liefde tot het Graf’, van Haddis Alemayehu. Dit is een voortreffende keuze: eindelijk krijgen we een visie op land, geschiedenis en cultuur van binnenuit. Voor wie het land kent is dit een aanwinst, voor wie het wil kennen een eerste, flinke stap. Bevat kleurenfoto’s van een aantal voorwerpen die ook op de tentoonstelling te zien zijn, en die aansluiten op het verhaal. (NBD\Biblion, Jan Rijsterborgh)

‘De terugkeer van Lilly (2005)

De terugkeer van Lily

Flaptekst: Lilly wordt in de jaren vijftig als dochter van onconventionele Britten in Noord-Afrika geboren. Nadat haar beide ouders zijn omgekomen groeit ze op bij vrienden in Ethiopië. In de jaren tachtig vlucht ze naar Londen waar ze als blanke moslim een ongemakkelijk bestaan leidt. Steeds meer gevluchte Ethiopiërs komen in haar omgeving wonen. Met hen deelt ze haar heimwee naar Afrika en het verhaal van haar hartbrekende zoektocht naar haar geliefde, van wie ze door de politieke ontwikkelingen in Ethiopië wreed gescheiden werd.

Camilla Gibb schets een rijk en levendig beeld van de religie, de cultuur en de geschiedenis van Ethiopië. Ze ontroert en overtuigt met haar beschrijving van de gemoedstoestand van een vrouw die door het verlies van haar geliefde emotioneel verlamd geraakt is, maar dankzij de hulp van vrienden langzaam weer een nieuw bestaan weet op te bouwen.

Auteur: Camilla Gibb werd geboren in Londen en groeide op in Toronto. Ze studeerde antropologie in Oxford en deed veldwerk in Ethiopië. Eerder schreef ze twee romans die in achttien landen gepubliceerd werden. Haar naam staat op de lijst van eenentwintig veelbelovende schrijvers die door de jury van de prestigieuze Orange Prize werd samengesteld.

Titel: De terugkeer van Lilly, Auteur: Gamilla Gibb, Uitgever: Anthos, Amsterdam 2005, ISBN: 90 414 09 831

Recensie: Lilly, de ik-figuur, is de dochter van Britse ouders, die na omzwervingen in Marokko belanden, waar ze overlijden. Het meisje wordt geparkeerd bij een Soefi-geleerde, groeide op als moslima, reist naar Ethiopië en komt daar terecht is een arme familie in een sloppenwijk, waar ze als blanke vreemdeling vijandig wordt ontvangen. Ze leert te leven als een Ethiopische en ondanks alles een plekje te veroveren voor zichzelf.Ze komt in aanraking met het ziekenhuis, waar een arts verliefd wordt op haar. De keizer wordt afgezet, revolutie breekt uit, vele vluchten. Lilly komt in Londen terecht, waar zij zich inzet voor vluchtelingen en asielzoekers uit Ethiopië, steeds hopend dat zij haar geliefde onder hen zal vinden. Ook nu wordt een arts verliefd op haar. Het spannend geschreven boek is fraai gecomponeerd. De auteur heeft de ervaring van haar antropologische veldwerk in deze roman verwerkt. Voor een breed publiek met interesse in Afrika en politieke vluchtelingen. Kleine druk (NBD\Biblion, Harrie M. Leyten)

Weetjes, Ethiopië

Ethiopië heeft tijdens zijn bestaan als land meerdere vlaggen gekend. De huidige vlag met de kleuren groen, geel, rood en een blauwe schijf met symbool werd in 1996 aangenomen als nationale vlag. Sinds 1941 bestaat de vlag uit de kleuren, groen, geel en rood. De kleuren hebben een symbolische betekenis. Zo staat groen voor de vruchtbaarheid van het land, geel voor de liefde voor het vaderland en rood voor het bloed dat is vergoten voor het in stand houden van de onafhankelijkheid. 

Ethiopië is onderverdeeld in acht regio’s en drie bestuurlijk onafhankelijke steden. De regio’s zijn: Afar, Amhara, Benshagul-Gumuz, Gambela, Oromiya, Somali, Yedebub Biberoch Bihereseboch na Hizboch en Tigray. De regio’s zijn ingedeeld op etniciteit en hebben hun eigen regiovlag.

De drie zelf bestuurlijke steden zijn: Addis Ababa, Dire Dawa en Harar.

Awassa en omgeving

De vismarkt in Awassa

De vismarkt ligt pal aan het Awassameer. De vissers bieden iedere ochtend de in de nacht gevangen vis aan, waaronder tilapia, nijlbaars, meerval en andere soorten.

Het is enorm druk op de markt; mensen die vis kopen en vogels die er om bedelen. Grote maraboes lopen op hun lange dunne poten tussen de mensen door en zijn op jacht naar afval dat ze af en toe toegeworpen krijgen. Ze zijn totaal niet bang en lopen rakelings langs ons heen. De kale kop draait van links naar rechts en met hun kraaloogjes kijken ze brutaal in het rond.

Langs het meer liggen de vissersbootjes. Ze zijn van hout en hebben de vorm van een gelijkbenige driehoek. Jongens zijn druk bezig de netten te ontwarren. De vissen worden ter plaatse schoongemaakt. Het afval wordt in het water gegooid wat de aanwezigheid verklaard van grote groepen pelikanen die rond de bootjes alert liggen te wachten. Af en toe gooien de vissers het afval omhoog met het resultaat dat de pelikanen even opvliegen, wat een prachtig plaatje oplevert.

Het zijn over het algemeen de kleine visjes die aan de plaatselijke bevolking worden verkocht. Onder de schaduwrijke bomen zitten de vrouwen de gekochte visjes handig en snel te verwerken tot filet. Om ze daarna te verpakken in een doek of stukjes papier. Ik neem aan dat ze straks op een houtvuurtje belanden en gebakken worden.

Het is ontzettend jammer dat de plaats van de markt is verplaatst en het mooie gedeelte met de oude bomen waar voorheen alles afspeelde afgesloten is. De plek is omgeven door hoge hekken. Alles speelt zich nu af langs de kale waterkant. Het blijft interessant en leuk om te zien maar de omgeving zorgt ervoor dat de sfeer anders is.

‘Kinderen van de revolutie’ (2007)

Kinderen van de revolutie

Flaptekst: Zeventien jaar geleden is Sepha Stephanos gevlucht uit Ethiopië vanwege de revolutie die zijn vader het leven kostte. Sindsdien leidt hij een rustig bestaan als eigenaar van een aftands kruidenierswinkeltje in een achterstandswijk in Washington. Zijn enige twee vrienden, Joseph en Kenneth, zijn net als Sepha Afrikaanse emigranten. Ze brengen samen de avonden door in de winkel, whisky drinkend en grappen makend over Afrika’s lange geschiedenis van dictators en revoluties. Sepha’s buurt wordt grondig gerenoveerd en ook zijn eigen leven is aan verandering onderhevig – hij probeert een relatie aan te knopen met zijn nieuwe, blanke buurvrouw Judith via haar dochtertje Naomi. Maar alles loopt anders en als ook zijn winkel hem dreigt te worden ontnomen, maakt hij een tocht door zijn wijk. Hij herbeleeft momenten uit zijn verleden en probeert de balans op te maken van zijn huidige bestaan.

Auteur: Dinaw Mengestu (1978) is geboren in Addis Abeba. In 1980 vertrok hij met zijn moeder en zus naar de Verenigde Staten, om herenigd te worden met zijn vader, die Ethiopië ontvluchtte tijdens de Rode Terreur. Mengestu is schrijver en journalist en woont in New York. Kinderen van de revolutie is zijn eerste roman.

Titel: Kinderen van de Revolutie – Auteur: Dinaw Mengestu – Uitgever: Nieuw Amsterdam, Amsterdam 2007 – ISBN: 978 90 468 0103 1

Recensie: Hoofdpersoon Sepha is een alleenstaande vluchteling die in Washington DC een noodlijdend kruidenierswinkeltje runt in een buurt die steeds meer in verval raakt. De avonden brengt hij in zijn winkel door met twee Afrikaanse vrienden, met wie hij over Afrika praat en whisky drinkt. Hij knoopt een vriendschap aan met zijn nieuwe buurvrouw: een blanke, welgestelde, erudiete, alleenstaande moeder wier dochter Naomi hem vaak bezoekt in zijn winkel en die hij voorleest uit onder anderen Dostojevski. As de ontluikende liefde tussen hem en de buurvrouw in zijn ogen onmogelijk blijkt te zijn, raakr hij steeds meer de grip op zijn winkel en zijn leven kwijt en begint hij aan een lange wandeling door de stad die hem langs plekken voert die allerlei herinneringen bij hem oproepen. Zo wordt stukje bij beetje duidelijk wat het betekent om je vaderland te moeten ontvluchten en een nieuw bestaan te moeten opbouwen in een vreemd land. Prachtige, melancholieke debuutroman van een jonge Amerikaanse schrijver van Ethiopische afkomst. Normale druk. (NBD\Biblion, Drs.M.H. Langelaan)

De buik van de hyena (2002)

De buik van de hyena

Flaptekst: In De buik van de hyena haalt Nega Mezlekia op meeslepende wijze herinneringen op aan zijn jeugd in Ethiopië. Met gevoel voor humor en relativering beschrijft Mezlekia hoe hij van jongen tot man opgroeit. Hierbij kruist een wonderlijk gezelschap van kleurrijke personen zijn pad.: Wondwossen zijn beste vriend en medestander in de misdaad; meneer Alula, hun veelgeplaagde docent; meneer Tadesse, fulltime schooldirecteur en parttime stroper; mevrouw Yetaferu, de orthodox-christelijke pensiongast die er iedere dag wel in slaagt een nieuwe heilige te aanbidden en zo op succesvolle wijze weet te voorkomen ooit een baan te vinden; en Yeneta, de plaatselijke priester die bekend is met de talen van de hemel en de hel.

Daarnaast beschrijft Mezlekia de donkere periode die Ethiopië doormaakt na de val van de keizer Haile Selassie, tijdens de opkomst van de macht van de communistische junta, waarvan de genadeloze Rode Terreur 100.000 Ethiopische jongeren afslachtte. Mezlekia werd destijds op achttienjarige leeftijd gedwongen zich aan te sluiten bij een guerrillaleger; als door een wonder slaagde hij erin de gruwelijkheden waarmee hij werd geconfronteerd te overleven. 

Titel: De buik van de hyena, een jeugd in Ethiopië – Auteur: Nega Mezlekia – Uitgever: Atlas, 2002 –ISBN: 90 450 0573 5

Recensie: De schrijver groeit op in Jijiga, in het oosten, heet, stoffig, een stad als een labyrint, met een Amhaarse (christelijke) en Somalische (moslim) bevolking. We maken kennis met hem en zijn omgeving, met hyena’s, gieren, boze geesten, tovenaars, en figuren als de moraal-docent met zijn bullenpees, of de tante die nooit gewerkt heeft: elke dag is er een heilige tot wie gebeden moet worden. De toon slaat om wanneer hij een jaar of 15 is. De leerlingen nemen het op voor de kleine boeren (lees: lijfeigenen). Dit protest is het zaad waaruit de maatschappelijke onrust, de revolutie, de mensonterende onderdrukking en tyrannie, de moorden, martelingen en doodsangst van de jaren ’70 en begin ’80 voortkomen. Hij kan tenslotte vertrekken uit de hel, via Nederland naar Canada. Een gruwelijk verslag, waarin we de schrijver als jonge student, op de voet volgen. Een beklemmend boek dat zich goed laat vergelijken met Jung Chan’s ‘Wilde zwanen’, over vergelijkbaar, uiterst bloedig onderdrukt volksverzet. Het eindigt in 1984 waarna nog zoveel volgde! Kleine druk (NBD\Biblion,J. Rijsterborgh)

Het einde van de regentijd (2004)

Het einde van de regentijd

Flaptekst: Katrina Bernbacher, studente te München, ontdekt op zolder een doos met vergeelde foto’s van haar overgrootouders en hun kinderen in een exotische setting. Het blijken afbeeldingen van een stuk familiegeschiedenis te zijn waar zij niets van weet, reden genoeg dus om haar grootmoeder Eva met vragen te bestormen. Eva vertelt haar fascinerend verhaal dat in 1906 in Berlijn begint. Als de jonge architect Carl Haertel zich verloofd met ziekenzuster Anna stelt die laatste zich een toekomst voor van theaterbezoek en ander elegant vertier. Totdat Carl haar vertelt dat hij een opwindend aanbod heeft gekregen: keizer van Abessinië (Ethiopië) heeft hem gevraagd om mee te helpen aan de grootste bouwplannen die hij voor zijn land heeft…  Na enig aarzelen besluit Anna haar geliefde te volgen naar deze onbekende verten. Ze reizen af naar Addis Abeba, waar ze voor talloze verrassingen komen te staan, maar waar ze uiteindelijk veertig jaar zullen blijven, als vertrouwelingen van de keizerlijke familie. Totdat de tweede Wereldoorlog hen dwingt afstand te doen van dit leven. Carl ontwerpt en bouwt monumenten van nationale allure en Anna wordt uiteindelijk de hofdame van keizerin Menen, de vrouw van de latere keizer Haile Selassie. Hun drie dochters Wilma, Edith en Eva groeien met de prinsen en prinsesjes op. Het leven gaat gepaard met ups en downs: als Anna met de dochters op familie bezoek in Duitsland gaat, kan ze jarenlang niet terugkeren vanwege de oorlog 1914-1918; en als hun nichtje Lucy zich bij hen voegt en een relatie begint met een inlander, heeft dit verregaande en dramatische gevolgen…

Titel: ‘Het einde van de regentijd’- Auteur: Brigitte Beil – Uitgever: Karakter – ISBN: 90 6112 344 5 (2004)

Recensie: In haar nawoord zegt de schrijfster dat ze niet de pretentie heeft dat haar roman historisch helemaal correct is. Het lijkt haar bijna onmogelijk de historisch waarheid vast te leggen. Maar het verhaal is met zo’n uitgebreide kennis van zaken geschreven en met zoveel liefde, dat het land Ethiopië voor veel lezers een openbaring zal zijn. De auteur is dan ook uitgegaan van een familiegeschiedenis als authentieke kern. En verder heeft zij zich terdege laten informeren door alle mogelijke deskundigen. In een eenvoudige romanvorm, waarin een oma haar kleinkind vertelt over haar leven in dit wonderlijke land, komt de lezer veel verrassingen tegen, feiten, die nieuw moeten zijn. Verder wordt er in het laatste deel van het verhaal veel verteld over de oorlog, waarin Italie het laatste onafhankelijke staatje van Afrika overrompelde en het zichzelf toe-eigende. Voor de liefhebbers van een eenvoudig, maar interessant verhaal.Normale druk (NBD\Biblion, T.van Oirschot-Sparla)

De koning van de Konso (2003)

Konso.…De bevolkingsgroep Konso is opgesplitst in negen clans en kent geen hoger stammengezag. Elk dorp wordt bewoond door families van meerdere clans zodat er nooit een de overhand heeft. Het bestuur ligt in handen van een raad van Oudsten, want elk dorp is onafhankelijk. Als er grote geschillen of problemen zijn waar ze onderling niet uitkomen, wordt er een beroep gedaan op de Konso-koning.  De koning woont samen met zijn familie in een klein ‘koninklijk’ dorpje. Hij leeft eenvoudig. 

‘Wij verlaten het bedrijvige Konso-dorp om op bezoek te gaan bij de Konso-koning. We worden hartelijk verwelkomd door de zoon van de koning; de koning is enkele maanden geleden overleden. Het gebruik is dat hij pas negen maanden na de dood van zijn vader zijn ‘taak’ als koning kan gaan vervullen.

konso3Tijdens deze periode blijft de overleden koning boven aarde en blijft, als mummie, op zijn stoel zitten. Er worden twee mannen aangesteld die voor de koning zorgen. Daarna wordt hij in zittende houding begraven. Vroeger was de overbrugging negen jaar maar door natuurrampen en andere problemen is de tijd ingekort tot negen maanden. De Konso zat te lang zonder (raadgevende) koning.

Als de zoon, de ceremonies ondergaan heeft die negen dagen in beslag nemen, eenmaal koning is mag hij alleen eten wat speciaal voor hem is klaargemaakt. Dit geldt ook als hij op reis is. Zijn vrouw is toegewezen en uitgezocht door zijn vader en een aantal oude wijze heren. Op onze vraag of hij niet liever zelf zijn keus had gemaakt is zijn antwoord: ‘Ik ben erg tevreden, mijn vrouw is getest door wijze mannen op intelligentie, schoonheid en lichamelijke sterkte, ik had het niet beter kunnen doen.’

De koningszoon leidt ons rond in zijn dorp. Omdat hij straks als koning recht spreekt over de geschillen van de Konso-populatie woont er naast familie geen andere mensen in zijn dorp, dit om zijn objectiviteit te waarborgen. Bij de rondleiding behoort ook de begroeting aan de overleden koning. De twee speciaal aangestelde mannen gaan ons voor, ons geduld wordt op de proef gesteld want de koning is nog niet gereed om ons te ontvangen. Als we eenmaal welkom zijn, zit de (gebalsemde) koning voor zijn hut. Een van de mannen houdt beschermend en zorgzaam een paraplu boven zijn hoofd. Wij lopen er een beetje onwennig naar toe en als afgesproken buigen we tegelijk ons hoofd. Nieuwsgierig als ik ben wil ik hem toch wel even bekijken: ik zie dat zijn oogkassen gevuld zijn met gedroogde bloemen en hij zit nogal voorovergebogen. Het lijkt of hij ieder moment voorover kan vallen, maar hij zal het nog even vol moeten houden totdat de negen maanden voorbij zijn. Het is een vreemde en bijzondere ervaring om een dode, rechtop zittende man in vol ornaat te begroeten…

Fragment uit mijn boek: Konjo no! (uitverkocht) Nieuwe herziene druk: Ethiopië, Betam Konjo, 2016

De bloemen van het paradijs (2000)

De bloemen van het paradijs

Flaptekst: Dit is het verhaal van een ontdekkingsreis naar het paradijs van de qat, een felgroen gebladerte dat in Ethiopië en Jemen al eeuwenlang wordt gepruimd en dat de bron is van een rijke en gevarieerde cultuur. Kevin Rushby werkte ooit als leraar in Jemen en zijn idyllische herinneringen aan antieke steden, spectaculaire gebergten en melancholieke qatpruimers hebben hem nooit meer losgelaten. Door heimwee gedreven besluit hij tot een avontuurlijke tocht over de oude handelsroute van de qat, dwars door gebieden die soms al tientallen jaren door burgeroorlogen worden geteisterd. Zijn reis voert hem van het Ethiopische hoogland, waar de qat waarschijnlijk zijn oorsprong vond, tot in Jemen, waar het blad niet meer weg te denken is uit het dagelijkse leven.

Titel: De bloemen van het paradijs – Subtitel: Een reis door de qatvelden van Jemen en Ethiopië – Auteur: Kevin Rushby – Uitgever: Atlas, Amsterdam 2000 – ISBN : 90 450 0306 6

Recensie: Rushby, leraar Engels in enkele landen waaronder Jemen, vertelt over een reis die hij ondernam vanuit de streek van oorsprong van qat, de bergstreek rond Harar in Ethiopië, naar Jemen waar qat een belangrijk, zo niet het belangrijkste gewas is. De jonge, verse blaadjes ervan worden ’s middags gekauwd door een meerderheid van de bevolking. Het sap is licht hallucinerend, maar niet verslavend. Gebruikers voelen zich heerlijk na een vaak uren durende sessie. De schrijver maakt de tocht van Addis Abeba naar uiteindelijk San’a, de hoofdstad van Jemen via veel omwegen waarbij hij een scala van mensen ontmoet. Het is een reisverslag waarin de (cultuur)historische achtergrond van zowel Ethiopië als Jemen uitgebreid aan de orde komt. De schrijver reist gedeeltelijk in de voetsporen van vroegere Europeanen zoals Rimbaud, Burton en Niebuhr. Hij wil niet alleen waarnemen, maar deelhebben en deelnemen aan het leven van de gesprekspartners en mensen die hij ontmoet. Zijn verslag vertelt daarover, leest aangenaam en is verhelderend en informatief. Een goed vakantieboek met 16 zwart-witte foto’s en een verklarende woordenlijst. Kleine druk. (NBD\Biblion,

Zij maakt het verschil (2006)

zij-maakt-het-verschil

Flaptekst: ‘Zij maakt het verschil’ is het hoopvolle verhaal van de Ethiopische Haregewoin Teferra, een vrouw die in haar eentje tientallen baby’s en jonge kinderen verzorgt die hun ouders verloren hebben aan aids. Melissa Fay Greene raakte gefascineerd door deze vrouw die zich niet laat ontmoedigen door de onthutsende cijfers, maar ‘gewoon’ probeert zoveel mogelijk kinderen te redden. Het boek vertelt haar bijzondere levensverhaal en bevat vele ontroerende portretten van de kinderen die op de compound van Haregewoin wonen, verhalen over verlies, pijn en hoop. Melissa Fay Greene slaagt erin om een van de grootste maatschappelijke rampen terug te brengen tot de menselijke maat.

Auteur: Melissa Fay Greene is schrijfster en journaliste en schrijft voor The New York Times, Newsweek en Parenting. Melissa is getrouwd en heeft zeven kinderen, onder wie twee geadopteerde uit Ethiopië. Ze deelt haar inkomen met Haregewoin en zet zich in voor veel projecten voor aidswezen in Afrika.

Titel: Zij maakt het verschil – Subtitel: De dappere strijd van een vrouw in Afrika – Auteur: Melissa Fay Greene – Uitgever: Archipen, 2006 – ISBN: 90 6305 248 0

Recensie: ‘Zij maakt het verschil’ is het verhaal van de Ethiopische Haregewoin Teferra, een vrouw die in haar eentje tientallen baby’s en jonge kinderen verzorgt die hun ouders verloren hebben aan aids. Het boek vertelt haar levensverhaal en bevat portretten van de kinderen die bij haar wonen. De auteur, Melissa Fay Greene, is een Amerikaanse schrijfster en journaliste. Zij zet zich in voor veel projecten voor aidswezen in Afrika. Ze kwam in contact met Haregewoin en raakte gefascineerd door deze vrouw die ‘gewoon’ probeert zoveel mogelijk kinderen te redden en die daarmee een van de grootste maatschappelijke rampen van dit moment terugbrengt tot de menselijke maat. De auteur heeft door het persoonlijke verhaal van Haregewoin ook veel informatie geweven over de gezondheidssituatie en de politieke situatie in Ethiopie en Afrika. Met een katern kleurenfoto’s, een lijst van instellingen en organisaties, en een aantal eindnoten. (NBD\Biblion-Jannetta van der Zee)

Het stadje Lalibela

DSCN1781DSCN1838-Het stadje Lalibela, vernoemd naar koning Lalibela, ligt op2480 meterhoogte tussen de bergen van Lasta. In de middeleeuwen was Lalibela de hoofdstad van Ethiopië. Tegenwoordig is Lalibela niet meer dan een klein stadje waar je het gevoel krijgt terug te keren naar de wieg van de religieuze beschaving. De Ethiopische kerk behoort tot de oudste christelijke geloofgemeenschappen ter wereld, met rituelen die terug grijpen op de allereerste periode van het christendom. De kerken en kloosters van Lalibela stralen een mysterieuze vredigheid en rust uit. Tijdens feestelijkheden kun je getuige zijn van de levendigheid van deze goddienst. Priesters in rijk versierde gewaden geven dan samen met de vele gelovigen blijk van hun nederige en toegewijde verering. Bijzonder zijn de ronde  stenen huizen van twee verdiepingen met rieten dak die in het stadje te vinden zijn.DSCN1861-Lalibela is vooral bekend om zijn beroemde rotskerken, voornamelijk door de manier waarop ze zijn gebouwd. Ze zijn in vulkanisch steen uitgehakt en wel door vanaf de top van het gesteente meters naar beneden te werken. De kerken zijn uitgeroepen tot het achtste wereldwonder (UNESCO). De twaalf kerken vormen een symbolische voorstelling van het Heilig land. De noordelijke groep kerken staan voor het aardse Jeruzalem en de zuidelijke groep voor de hemel. De Yordanos, die symbool staat voor de Jordaan scheidt de twee gegroepeerde kerken van elkaar.Een bezoek aan de rotskerken brengt je in een bijzondere wereld; in een doolhof van nauwe, donkere gangetjes en steegjes, soms klimmend, dan weer dalend ga je van kerk tot kerk. Je beleeft de sfeer van geurende wierook, biddende priesters, monniken en pelgrims, gelovige mensen, prachtige schilderingen, getoonde kerkkruisen en ‘springende’ vriendjes.  

Het aarden Beest (2009)

Het aarden Beest

Flaptekst: In het vroege voorjaar vertrekken Thecla en Benno Graas vanaf de zuidpunt van Afrika, op een oude motor met aanhanger, voor een tocht naar het noorden. Al in het begin van hun gewaagde reis ontmoeten ze bij toeval een helderziende man die hun hele geschiedenis lijkt te kennen, shockerende voorspellingen doet en advies geeft over plaatsen waar hun een groot gevaar te wachten staat. Met open geest trekken ze verder en al snel raken de voorspellingen in vergetelheid. Tot op het moment waarop zich een dramatische gebeurtenis voordoet. Het geeft het 43.000 kilometer lange motoravontuur een wending, waarin de geest van Afrika hun meevoert in een stroom van toevalligheden die hun kris kras door het continent laat sturen. Hun eenvoudige manier van reizen en kamperen in de wildernis, bezorgt hun onder andere huiveringwekkende confrontaties met dieren, worstelingen met het intrigerende hoogland van Ethiopië en indringende ervaringen in de desolate woestijnen van Sudan. De lach van Afrika met zijn ondraaglijke schoonheid opent hun bewustzijn voor een andere kijk op de werkelijkheid, waarin tijd en afstand lijken op te lossen, gedachten gebeurtenissen beïnvloeden, en het denken, aantrekt waar het op dat moment het meest door bezeten is. Het wordt een gevecht tussen ratio en ervaring. Na vele grappige en ontroerende momenten weten ze uiteindelijk thuis te komen en zien dat zich een inwendige reis heeft voltrokken, over een afstand die verder ging dan Afrika. Een reis van het hoofd en het hart.

Titel: Het aarden Beest – Subtitel: Een bijzonder motoravontuur dwars door Afrika – Auteur: Benno Graas – Uitgever: In eigen beheer 2009 – ISBN: 978 90 484 0738 5

Recensie: Sympathiek motorreisverhaal van twee ondernemende Nederlanders (man en vrouw) die met een oude Enfield van Kaapstad naar Egypte reizen, waarbij ze onderweg kamperen in de natuur. Het boek staat vol ontwapenende anekdotes en persoonlijke observaties over landen, volken en hun cultuur. De schrijver filosofeert over wat reizen met hen doet en de invloed die het heeft op hun levenshouding. Het boek mist de diepte van ‘Zen en de kunst van het motoronderhoud’ van Robert M. Pirsig*, maar is wel meer dan een doorsnee reisverhaal. Vanwege het gewicht van het boek (ruim een kilo!) is het geen aanrader om mee te nemen als je lichtgewicht kampeert, op rugzakvakantie gaat of met de motor toert. Matig afgedrukte kleurenfoto’s illustreren het relaas. De gezamenlijke reisboekhandels riepen het boek uit tot Beste Reisverhaal van 2009. Vrij kleine druk. (NBD\Biblion, Els Willems)