Bevolkingsgroep: Hamar

Ik heb ja gezegd op de vraag of ik op de foto wilde maar vind ik het leuk?? Eenmaal de foto gezien te hebben vond ze het zo leuk om zichzelf en haar kinderen te zien…en wilde ze nog een keer!! 

h1

Veelal proberen we , als we weer in Ethiopië zijn en in de buurt, de foto’s te brengen; altijd een verrassing met blije gezichten! 

Gidole

Werkers komen terug van het land (in de buurt van Gidole)

d3

Sorghum groeit in Azië, Afrika en Amerika. De zaden kunnen wit, geel, rood of bruin van kleur zijn. De soort behoort tot de grassenfamilie (Poaceae). Het is een belangrijk voedselgewas in Ethiopië.

Sorghum is een eenjarig gewas. De stengel kan vijf tot meer dan dertig mm dik worden. De bladeren lijken op die van maïs maar zijn korter en breder. Ze zijn glad en met een waslaag bedekt. De pluim is gewoonlijk compact bij de graansorghums en meer open bij de voedertypen. Bij sommige typen worden de kafjes bij het dorsen verwijderd, maar bij andere moeten de korrels zoals bij haver worden gepeld. Van de rode Sorghum zijn zelfs de bladeren eetbaar.

Bevolkingsgroep: Hamar

De beloofde foto brengen

hamar

…”We gaan op weg naar de markt in het dorpje Turmi. Allereerst willen we de Hamar-vrouw bezoeken, die de voorkant van mijn boek ‘Konjo Nö!’ siert. We willen haar de foto brengen. Als ik in het dorp haar foto laat zien, wil iedereen ons bij haar brengen. Uiteindelijk wijzen we twee meisjes aan en incasseren een boze blik van een opdringende jonge man die de taak op zich wilde nemen. Daar gaan we dan, de twee meisjes naast ons, de anderen er allemaal achteraan. We passeren allerlei hutten totdat de twee meisjes opeens stil blijven staan. Voor de hut die van de vrouw op de foto moet zijn, wordt van alles door elkaar geroepen, want die blijkt gesloten te zijn. De meisjes denken te weten waar ze dan moet zijn: bij haar tante. Daar gaan we weer, nog steeds in optocht. Bij de hut van de tante ontmoeten we haar. We schrikken van haar lichamelijke gesteldheid. Haar wangen zijn ingevallen en haar ogen staan uitdrukkingloos in haar gezicht. Ze is ontzetten mager geworden. Haar tante verteld dat ze ernstig ziek is. Ze heeft aids. Haar drie kinderen worden door haar tante verzorgd. Het zieke vrouwtje lacht af en toe flauwtjes in onze richting. De foto pakt ze aan, maar er is nauwelijks reactie. We stoppen de tante wat geld toe en proberen haar duidelijk te maken dat het aan medicijnen of andere noodzakelijke dingen besteed moet worden.”Ishi, ischi, auw” (Oké, Oké, ja), klinkt het uit haar mond”…

6

Normaal gesproken geven we nooit zomaar geld, maar hier is duidelijk een reden, door de foto zijn we bij haar betrokken. (Fragment uit mijn boek: ‘Dink Nesh”)