Mar-Eshet (1998)

mar-eshet

Flaptekst: In een lange reeks van gesprekken met journalist Wim Breedveld praat de inmiddels 72 jarige Mariette van de Loo over haar ontwikkelingswerk in Ethiopië tussen 1966 en 1990. De onderwerpen zijn onder andere: de studentenrevoltes, de revolutie, de burgeroorlog, oorzaak en gevolgen van de hongersnood, het falen van de hulpacties, het moeizame en risicovolle werk onder een communistisch regime en de verlammende bureaucratie in het ontwikkelingswerk.

Op 15 september 1966 reist Mariette van de Loo voor het eerst naar Ethiopië. Ze wordt uitgezonden door het ministerie van CRM om als stafdocente te gaan werken aan de universiteit van Addis Abeba. Al snel raakt ze betrokken bij het ontwikkelingswerk en reist als stagebegeleidster het hele land door. Ze is er getuige van dat twee studentenrevoltes door het toen nog keizerlijke bewind bloedig worden neergeslagen.  Tot 1979 werkt ze als adviseur van Etiopian Women’s Welfare Association (EWWA) en moet ervaren dat de komst van het communistische regime van Mengistu ook het werk van de vrouwenorganisatie treft. Na een korte tijd in Nederland keert ze terug om te gaan werken in Eritrea, dat in een verbeten vrijheidsstrijd is verwikkeld met het regeringsleger van dictator Mengistu. Weer terug in de Ethiopische hoofdstad helpt ze als adviseur bij het opbouwwerk van Family Development Projects (FADEP) dat door de Ethiopische vrouwenorganisatie EWWA is opgericht. Drie jaar lang reist ze onder uiterst moeizame omstandigheden door het hele land totdat uiteindelijk het oorlogsgeweld ook haar het reizen moeilijk maakt. In 1990 verlaat ze op 65-jarige leeftijd voorgoed Ethiopië. Terug in Nederland richt ze de stichting Hand in Hand op om financiële steun te verkrijgen voor ontwikkelingsprojecten in Ethiopië en het inmiddels zelfstandig Eritrea.

Titel: Mar-Eshet, een verslag 25 jaar werken in een door oorlog en revolutie geteisterd Ethiopië – Auteur’s: Wim Breedveld – Mariette van de Loo – Uitgever: Van Buuren Weert,1998 – ISBN: 90 5695 042 8

Recensie: Tussen 1966 en 1990 was Mariëtte van de Loo in Ethiopië en Eritrea met hart en ziel betrokken bij het ontwikkelingswerk. Temidden van oorlogen, grote hongersnood, dramatische studentenrevoltes, enz. Het verhaal (een gesprek met vrienden) is heel gedetailleerd: hoe zij als westerse, aan de School of Social Work, het vertrouwen van haar studenten moet winnen, hun perspectief en referentiekader moet aanleren, hen moet sturen en begeleiden bij hun stages (door het hele land), hoe zij vrouwenorganisaties opzet en begeleidt, hoe ze moet leren werken en leven temidden van armoede en oorlog, desorganisatie, bureaucratie en tegenwerking. Een zonder enige opsmuk verteld relaas, dat bij de lezer gaandeweg steeds groter respect oproept; én verwondering: hoe houdt een mens dat vol? Een Nederlandse vrouw die voor mensen in de Hoorn van Afrika van onschatbaar belang is geweest. Eerlijk, ontroerend, maar ook niet zonder kritiek waar die past.(Biblion recensie, Jan Rijsterborgh.)

Sporen van Sandelhout (2007)

sporen-van-sandelhout

Flaptekst: Muna, een Indiaas weesmeisje, kan haar zusje Sita maar niet vergeten, die op jonge leeftijd van haar is gescheiden. De zesjarige Sita, in een weeshuis in dezelfde stad, kan zich haar oudere zus echter niet meer herinneren en droomt dagelijks van een echte familie. De achtjarige Solomon woont ondertussen in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba. Wanneer de revolutie uitbreekt vlucht hij naar Cuba in de hoop op een beter bestaan. Na vele omzwervingen over drie continenten vinden Solomon, Muna en Sita uiteindelijk ieder voor zich hun bestemming in het leven en familiegeluk waar de drie al zo lang naar hebben verlangd.

Titel: Sporen van sandelhout – Auteur: Anna Soler-Pont en Asha Miro – Uitgever: De Geus, 2007 – ISBN: 978 90 445 1113 0

Recensie: De gezamenlijke debuutroman van Asha Miro en Anna Soler-Pont. Geinspireerd door hun eigen levens en personen die zij kennen, gebruiken ze fictie om onrecht aan de kaak te stellen. De titel duidt op een herinnering aan sandelhout. In het eerste deel vertellen ze het verhaal van Solomon, een jongen uit Ethiopië die naar Cuba gaat voor een studie dankzij de hulp van Cuba aan Ethiopië in deze periode; van Muna, een weesmeisje uit India dat kleden knoopt en droomt van werk in het Hollywood van India; en van Sita, het zusje van Muna die niets meer wenst dan het hebben van ouders. In het tweede deel van het boek kruisen het leven van Solomon, Muna en Sita zich dertig jaar later in Addis Abeba, Mumbai en Barcelona. Door het verhaal van deze kinderen leren we de moeilijkheden kennen in de derde wereldlanden. Maar ook de volharding van deze kinderen om dat te bereiken wat voor hun ouders onmogelijk leek. Het lot ligt in onze eigen handen. Wat de schrijfsters wilden bereiken, is gelukt: lezers meenemen in een gepassioneerd en optimistisch verhaal en meteen een boodschap meegeven. Vrij kleine druk. (NBD/Biblion, W.H.A. Bulnes-Coenders)

De Abessijn (1997)

de-abessijn

Flaptekst: Aan dit boek ligt een historisch feit ten grondslag: tijdens zijn regering zocht Lodewijk XIV, de zonnekoning, toenadering tot de keizer van Abessinie, de negus. De Abessijn is een roman over deze opmerkelijke diplomatieke zending naar de schimmigste, meest legendarische van alle grote vorsten uit de Oriënt. Jean Batiste Poncet, een jonge geneesheer die de pasja’s van Caïro tot zijn patiënten mag rekenen, wordt door een buitengewone samenloop van omstandigheden de held van dit even barokke als poetische epos, dat de lezer door de woestijnen van Egypte, de Sinaï en de bergen van Abessinie meevoert van het hof van de koning der koningen naar Versailles en weer terug: een duizelingwekkende reis vol avontuur, vriendschap, liefde en ontdekkingen. Achter de eenvoud, warmte en humor van deze avonturenroman gaat echter een tragische fabel schuil. Na het onbekende rijk en zijn beschaving te hebben ontdekt, moet Jean Batiste alles in het werk stellen om het te behoeden voor de bekeringsijver van de jezuïeten, de kapucijnen en andere vrome fanaten. Dankzij hem zal Ethiopië gespaard blijven voor vreemde overheersing en zijn trots en mysterie behouden. Hoewel de sfeer en stijl doen denken aan de meesterwerken van Alexandre Dumas is De Abessijn een uiterst actuele roman, een parabel die fanatisme aan de kaak stelt, laat zien wat vrijheid vermag en aantoont dat geluk te verwezenlijken is.

Titel: De Abessijn – Auteur: Jean-Christophe Rufin – Uitgever: Atlas, 1997 – ISBN: 90 450 0123 3

Recensie: De hoofdpersoon van deze roman is een jonge Franse apotheker rond 1700 in Cairo, die verliefd wordt op de dochter van de Franse consul aldaar. Om kans op een huwelijk te maken moet hij eerst in de adelstand verheven worden. Dat lijkt alleen te lukken als hij als officieel gezant van de keizer van Ethiopië -die hem om medische hulp heeft gevraagd- naar het Franse hof kan gaan. Alle plannen worden doorkruist door de pogingen van Jezuïeten en andere geestelijke orden om het koptisch-christelijke Ethiopië rooms-katholiek te maken. Eigenbelang van edellieden en de geborneerdheid van Parijse geleerden doen de rest. Uiteindelijk vlucht de apotheker met zijn geliefde naar Perzië waar zij rust vinden. De avonturen, die in hun kern op ware gebeurtenissen berusten, worden spannend weergegeven en de karaktertekening van de personen is amusant-scherp. Dat maakt het geheel tot een prettig leesbaar boek, zonder dat het nu bepaald een meesterwerk is. Men krijgt een redelijk hoewel niet diepgaand beeld van tijd en plaats. De vertaling is doorgaans goed. Vrij kleine druk. Op de omslag een fraaie afbeelding van een Ethiopiër uit de 18e eeuw.(NBD,Biblion, A.P.G.Spamer.)

Abessinie en het oostersch christendom van dezen tijd (1934?)

Abessinie en het Oostersch Christendom van dezen tijd 1

Woord vooraf: Toen ik in den zomer van 1933 voor de Radio-Volksuniversiteit een cursus hield over het Oostersch Christendom van dezen tijd, werd mij door verschillende luisteraars gevraagd lezingen te publiceeren. Aanvankelijk kwam er niet van aan dit verzoek te voldoen, doch na herhaalden aandrang en vooral wegens de actualiteit van dit onderwerp in het verband met ’t geen zich tusschen ’t Westen en ’t Oosten afspeelt (men denke slechts aan Rusland en aan Abbessinie) ben ik er nu toch tot overgegaan. Ik behield den verhalenden vorm waarin ik deze stof door de radio behandelde en vertrouw dat daardoor aan den inhoud geen schade is toegebracht en de wat huiselijker gesprekstoon velen bij het verwerken van deze materie niet onwelkom zal zijn.

Titel : Abessinie en het Oostersch Christendom van dezen tijd – Auteur: Dr.R. Miedema – Uitgever: Boekhandel Lankamp & Brinkman op de Spiegelgracht ,1934??

Recensie: Dr. R.Miedema, privaatdocent aan de Leidsche Universiteit, behandelt in dit werkje op populaire wijze de geschiedenis, organisatie, plaats en toekomst van het Oostersche Christendom – speciaal het Abbessinische Christendom – in onzen tijd. Na tijden van bloei en verval – lijkt het niet onmogelijk, dat dit Oostersch Christendom nog een factor van beteekenis worden gaat in het geestesleven van Oost-Europa. Als oriënteerend werkje is deze uitgave stellig van belang – temeer, waar de schrijver doet uitkomen, dat in dit Oostersch Christendom – naast vele verstarde begrippen – typisch levende uitingen van Christelijke vroomheid voorkomen. De lezer krijgt een anderen – en meer verheffenden kijk op het Abessinisch Christendom, waar nog zeer positieven elementen van het oude Christendom in aanwezig zijn. In de literatuur, die over Abbessinie verschenen is, neemt dit boekje wel een geheel eigen plaats in – ook al, omdat het ingaat op de vraag: ‘Heeft men recht te spreken van een onchristelijk land met een barbaarsche cultuur’? Over dit onderwerp is nog geen enkele uitgave verschenen – zoodat hiervoor in kringen van velerlei schakering belangstelling zal bestaan. (Langkamp & Brinkman, Uitgeverij)

Vijftien jaar Haile in Hengelo (2009)

Vijftien jaar Haile in Hengelo 1

Flaptekst: ‘Een arme man kan te midden van de rijken wonen. Maar een rijke kan niet tussen de armen wonen.’ Dat zegt Haile Gebrselassie in het boek ” Vijftien jaar Haile in Hengelo”In 1994 vestigde hij in het FBK Stadion zijn eerste wereldrecord. Sindsdien kent de wereld hem als een mens die zich nauw betrokken voelt bij zijn geboorteland Ethiopië.

Gesprekken met Haile krijgen altijd een onvermoede diepgang. Achter zijn brede glimlach gaat een zakenman schuil die het maatschappelijk verantwoord ondernemen in de praktijk brengt. Vanuit de Afrikaanse werkelijkheid zet hij ons vaak aan het denken over onze Westerse wereld.

Dit boek gaat daarom over sport en zaken. Auteur Cros van den Brink haalt herinneringen op aan successen en andere bijzondere gebeurtenissen in de carrière van ‘Mr. Hengelo’ – in het Fanny Blankers-Koen stadion en elders in de wereld. Hij beschrijft ook de weg van de boerenzoon die zich ontwikkelde tot een succesvol ondernemer. De atleet die zijn startgelden en premies investeert in eigen land en werk schept voor vele honderden Ethiopiers. Die scholen bouwt om kinderen een toekomst te bieden. Want een rijk man kan niet werkloos toezien als hij tussen armen woont.

Titel: Vijftien jaar in Hengelo, Zakenman in trainingspak – Auteur: Cors van den Brink – Uitgever: daM Deventer 2009 – ISBN: 978 90 71902 05 5

Recensie: De auteur, sportjournalist van beroep, beschrijft hoe de zoon van een arme boer uit Ethiopië, het tot een van de beste midden en lange afstandsatleten ter wereld weet te brengen. Haile Gebrselassie is een atleet die veel geld weet te verdienen met zijn passie voor atletiek en zakendoen weet te combineren met een enorme hoeveelheid trainingsarbeid. Het geld wordt vooral ingezet in diverse projecten en bedrijven in eigen land, waar nog veel armoede heerst. Het wordt de lezer duidelijk welke trainingsarbeid, doorzettingsvermogen, aanleg, persoonlijkheid en passie aan de basis liggen van de vele wereldrecords. De kleurenfoto’s tonen wedstrijdmomenten, opnames met familie en beelden uit Ethiopië. Duidelijk wordt hoe het leven van de atleet met de eeuwige glimlach zich afspeelt; zijn sociale betrokkenheid is groot.(B.N. Swienink)

Awash – Herinneringen aan Ethiopië (2003)

Awash

Flaptekst: René van Slooten werkte van 1967 tot 1976 op de drie suikerondernemingen van de ‘Handelsvereniging Amsterdam’ (HVA) in Ethiopië. In 1999 publiceerde hij daarover zijn eerste boek ‘Tsahai’ dat in Nederland en Vlaanderen lovend werd ontvangen. ‘Awash’ is een vervolg en bevat beschrijvingen van het dagelijks leven op de suikerondernemingen van de HVA en een aantal reisverhalen. Er is ook een uitvoerig hoofdstuk over het leven van de Nederlandse kinderen, met bijdragen van twee oud-leerkrachten van de Nederlandse scholen in Ethiopië, Marieke Grijpma-Munning en Agda v.d.Vlis. Het laatste deel van ‘Awash’ beschrijft het weerzien met het tweede vaderland ‘Ethiopië’. In 1989 ging een groep oud-HVA’ers en HVA-kinderen op zoek vaan hun verleden en in 2000 ging René van Slooten zelf terug, voor een VPRO radioprogramma over het Nederlandse verleden in het prachtige land.

Titel: Awash, Herinneringen aan Ethiopië – Auteur: René van Slooten – Uitgever: Boekenplan, 2003 – ISBN: 90 71794 35 0

Recensie: De Handelsvereniging Amsterdam (HVA) zat van 1952 tot 1978 met drie (suiker)ondernemingen in Ethiopie: Wonji, Shoa en Metahara. Er werden daar in die jaren driehonderd (!) Nederlandse kinderen geboren. De schrijver werkte er van 1967 tot 1976 en schreef er in 1999 over in ‘Tsahai’*. Het eerste deel van dit boekje is vooral gericht op oud-gedienden: herinneringen aan de situatie toen, en vooral veel aandacht voor de kinderen en hun belevenissen op school, met hun verslagen daarvan in het krantje (‘Het Suikerklontje’): het dagelijks leven, de schoolreisjes, Sint Nicolaas enzovoort. Het tweede deel is interessanter voor ‘buitenstaanders’: beschrijvingen van reizen door het land, langs de ‘historische route’, naar Lalibela, Aksoem, Massawa en Assab. En vooral ook door het verslag van reizen in 1989 en 2000: wat is er over van ‘de suiker’, hoe ziet het land er nu uit (‘Er is werkelijk niet veel veranderd’, is een eerste conclusie…!). Veel informatie over land en volk, in aantrekkelijke verhalen, voor mensen die Ethiopië (gaan) kennen. Enkele kleine foto’s. (Biblion recensie, J.Rijsterborgh)

Hoop uit zegens – Urk leert Ethiopië vissen (1985)

Hoop uit Zegens

Flaptekst: Een paar jaar geleden hoorden twee mensen op Urk over honger in Ethiopië. Zij belegden geen vergaderingen maar haalden geld van hun spaarbankboekje, stapten in het vliegtuig en landden in Addis Abeba. Urkers zeggen: ‘Waar water is is vis, waar vis is is eten, waar eten is is leven’. Met andere woorden: momenteel draaien doelmatig langs de Barorivier visserijprojecten doordat Urkers de bewoners hebben leren vissen en netten maken. Hoop uit Zegens. Dit heeft enige duizenden het leven gered. Dat daarnaast tonnen aan kleding en voedsel vanuit Urk worden gestuurd – en op de bestemde plaats terecht komen! – ook dat feit hoort nog bij dit wonder van Urk. September ’85 besteedde AVRO-Televizier er een uitgebreide reportage aan, want het nuchtere en praktische van deze aanpak oogst terecht steeds meer bewondering.

Titel: Hoop uit zegens, Urk leert Ethiopië vissen – Auteur: Lize Stilma – Uitgever: Callenbach, 1985 – ISBN: 90 266 0063 1

De oude kleren van de keizer (1997)

De oude kleren van de keizer

Flaptekst: Het westerse beeld van Ethiopië wordt nog altijd bepaald door honger, oorlog en een megalomane keizer. Achter de statistieken van hulpverlening en ontwikkelingswerk ligt een ongewoon Afrikaans land met duizenden jaren oude, authentieke culturen en een overweldigende natuur. Nell Westerlaken bereisde het land intensief en doet in De oude kleren van de keizer scherp en boeiend verslag van alledaags Ethiopië, dat zich bevindt tussen uitersten als culturele rijkdom en economische armoede. Ze neemt de trein waarmee een Nederlandse baron en de Britse Evelyn Waugh in 1930 naar de kroning van de keizer reisden, ze bezoekt het paleis waar de geest van Haile Selassie niet wijken wil, verkent de oude islamitische stad Harar waar Rimbaud in koffie handelde en neemt de lezer mee naar de machtige watervallen van de Blauwe Nijl, verborgen rotskerken van de orthodoxe christenen, en middeleeuwse kastelen. Ze reist naar de uithoeken van het land, ontmoet schrijvers en priesters, wijzen en onnozelen, een koning die geen koning is, rastafari’s en volken die pas kort geleden met het Westen in aanraking kwamen.

De oude kleren van de keizer is een serie indringende reportages over heden en verleden van een land dat zich wil ontworstelen aan zijn feodale en communistische erfenis – een land dat zich langzaam opent voor de nieuwsgierige en avontuurlijke reiziger.

Titel: De oude kleren van de keizer – Auteur: Nell Westerlaken – Uitgever: Podium, 1997 – ISBN: 90 5018 339 5

Recensie: We vinden in dit boek veertien indringende reportages over Ethiopië, waarvan er een aantal eerder in de Volkskrant verschenen. Het zijn merendeels beschrijvingen van reizen en ontmoetingen, waarbij heden en verleden van dit wonderlijke en wonderschone land uitvoerig belicht worden. Na de eeuwenlange feodale periode, en de funeste communistische jaren met enkele recente oorlogen, probeert het rijkgeschakeerde maar verschrikkelijk arme land zich er bovenop te knokken. Ethiopië is tegenwoordig voor de avontuurlijke reiziger beter te bereizen dan ooit, en de schrijfster trekt naar de verre uithoeken, van Aksoem en Lalibela tot de Oromo’s en andere vergeten volkeren in het zuiden, en zelfs enkele rastafari’s. Alle belangwekkende plaatsen worden bezocht: Harar, Gondar, Addis Abeba, enz. Zij schrijft in een heldere, lakonieke stijl, met humor en mededogen, en geeft de lezer een levendig en breed overzicht over land, volk en cultuur. (Biblion recensie, Jan Rijsterborgh.)

Doktoren op marsch (1936?)

Doktoren op marsch

Voorwoord: Het is mij een waar genoegen, waarde auteur, deze eersteling als peet ten doop te mogen houden. Niet omdat ik meen dat er over onze ambulance niet genoeg geschreven is, maar in de eerste plaats om de vriendschap, welke ”op marsch” gegroeid is. Lezende in dit boek – gelijk te verwachten, vlot geschreven en met een open en crities oog wat zich rond ons afspeelde – tref mij hoezeer ge het hart verpand hebt aan ons beroep; hoezeer het ambulancewerk je ten harte is gegaan. Meer vermoedelijk dan ge zelve bekennen wilt. Natuurlijk, ”het avontuur heeft ons allen gepakt, onze belangstelling opgewekt, maar vergeten is niet, dat dit avontuur er was om de Roode Kruisgedachte in daad om te kunnen zetten. Hoe verder wij kwamen, hoe meer wij ons hiervan bewust zijn geworden. En wel het meest in die dagen bij Koram, toen – na het bombardement der Engelsche ambulance en de overval der Tigreaansche sjufta’s – onze positie als neutrale leden van een Roode Kruisambulance zozeer van karakter veranderde. In die dagen, waarin bleek dat de medewerking der betrokken autoriteiten niet steeds onverdeeld was en dat de verbinding der voorposten met de basis ten gevolge hiervan onbetrouwbaar was…

Aan ieder, die belangstelling koestert voor de werkzaamheden der Nederlandsche ambulance in Ethiopië, beveel ik dit boek dan ook gaarne en ten zeerste aan. Jhr. Dr. J.N. Van Der Does, Arnhem, 22 Juni 1936.

Titel: Doktoren op marsch – Auteur: G.M.H. Veeneklaas – Uitgever: Callenbach N.V., 1936?

Een richel bij Lalibela (1997)

Eeen richel bij lalibela

Flaptekst: ‘In onze tuin, in het park, kleurden de bladeren en brak mijn hart dat jij  het nooit meer zou zien, nooit meer herfst en de lente, nooit meer de sneeuw, verrassing van de winterdag, nooit meer het oude huis in Frankrijk en het blauw van de lavendelvelden, nooit meer boekwinkels van Oxford en Cambridge, de roeiers op het water, nooit meer Ethiopië. Waarom moest je doodgaan, liefste?’ Om los te komen van haar verdriet reist een vrouw naar Ethiopië, een land dat haar man fascineerde, en raakt verstrikt in de intriges van een groep Amhaarse dissidenten.

Een richel bij Lalibela, is een verhaal van rouw en herinnering, dreiging en gevaar, van een poging tot vluchten in een geweldig hooggebergte dat beangst, boeit en troost. Door haar ontmoetingen onderweg, door de plaatsen waar ze zich verschuilt, wordt de vrouw een ander beleven van het heilige gewaar, een andere omgang met God.

Titel: Een richel bij Lalibela – Auteur: Elsbeth Klein – Uitgever: Kok, 1997 – ISBN: 90 242 6056 6

Recensie: Dit is de vierde roman van deze Nederlandse schrijfster. En tegelijk ook haar meest overtuigende. Het boek is recht uit het hart geschreven, vol spanning, drama en oprecht doorvoelde emoties. Een vrouw van middelbare leeftijd heeft niet lang geleden haar man verloren aan longkanker. Door zijn werk voor het Ministerie van Ontwikkelingssamenwerking had de man nauwe banden met Ethiopië. De vrouw besluit op reis te gaan naar het land waar ze zo gelukkig was met haar man. Tijdens een excursie wordt de vrouw ontvoerd door militante leden van de Amhaarse vrijheidsbeweging. De vrouw weet uiteindelijk te ontsnappen. Het verhaal is een combinatie van hartverscheurende verlangen naar haar overleden man, een zoektocht naar de God waar haar man zoveel steun aan had en een zeer spectaculaire en spannend beschreven ontsnappingstocht door het onherbergzame gebergte rondom Lalibela. In tegenstelling tot de vorige romans van Klein lees je dit boek in een ruk uit en voel je als lezer voortdurend een diep medeleven en respect voor de vrouwelijke hoofdpersoon. Vrij kleine druk. (Biblion recensie, Roos-Marie Tummers).

Koerier voor Addis Ababa (1974)

Koerier voor Addis Ababa

Flaptekst: Doordat Hans de Waart een foto wil nemen van een voorbijtrekkende karavaan, raakt hij verwikkeld in een levensgevaarlijk avontuur. Volledig op zich zelf aangewezen en rondzwervend met een voor hem onbegrijpelijke opdracht beleeft hij Ethiopië plotseling zoals het werkelijk is. Vroeger zag hij alleen oppervlakkig wat iedereen die uit Europa komt gewoonlijk voor ogen krijgt. Nu heeft hij ineens te maken met armoede en ellende waar een groot deel van de bevolking mee kampt…

Elly van Wijmen schreef dit boek tijdens een verblijf van enige jaren in Ethiopië, een boeiend en nog weinig bekend land. Zij doorkruiste het naar alle windstreken in gewapend gezelschap. Dat was niet overbodig, daar waar struikrovers, smokkelaars en primitieve stammen buitenstaanders hardhandig weren.

‘Koerier voor Addis Ababa’, is een spannend verhaal, dat je ziet gebeuren als je het leest, zoals dat ook bij andere boeken van deze schrijfster het geval is: ‘Een truck in de mist’ en ‘Noodlanding in de brandgang’.

Titel: Koerier voor Addis Ababa – Auteur: Elly van Wijmen – Uitgever: Ploegsma Amsterdam, 1974 – ISBN: 90 216 0435 3

De leeuw en de keizer (2010)

De leeuw en de keizer

Flaptekst: Dit hartverscheurende verhaal speelt zich af in 1974, Addis Abeba, Ethiopië, aan de vooravond van en tijdens de revolutie. Hailu, een vooraanstaand arts, heeft een man geholpen die door de staat is veroordeeld tot de marteldood, en moet zich daarvoor bij de autoriteiten verantwoorden. Zijn jongste zoon Dawit heeft zich aangesloten bij het ondergronds verzet, een beweging die zorgt voor nog meer onrust en bloedvergieten in het verscheurde Ethiopië. Zoon Yonas smeekt God een einde te maken aan het geweld dat zijn land en zijn familie aanricht.

De leeuw en de keizer is een aangrijpend vertelling over een familie, liefde en vriendschap. In een tijd en een land waarover nog weinig is geschreven. Nietsontziende vrijheidsdrang en de tol die een revolutie eist spelen een belangrijke rol. De buitengewoon krachtige en poëtische debuutroman beschrijft de intense en onafwendbare tragiek waarmee deze geschiedenis gepaard gaat.

Titel: De leeuw en de keizer – Auteur: Maaza Mengiste – Uitgever: Anthos,2010 – ISBN: 978 90 414 1432 8

Recensie: Het jaar 1974. De plaats Addis Abeba. Het platteland van Ethiopië wordt geteisterd door vreselijke hongersnood, volgens sommige door de aanhoudende droogte. volgens een groeiend aantal critici door corruptie binnen de overheid. Dan barst de bom. In een staatsgreep wordt de keizer afgezet, talloze politici en intellectuelen worden zonder proces geëxecuteerd. Chaos en volledige anarchie overspoelen het land. Deze roman zoomt in op de familie van een succesvol chirurg, die sympathiseert met de status quo. Zijn zonen gaan in het ondergronds verzet, spelen een leidende rol in de staatsgreep en raken ongewild betrokken bij de bandeloosheid van de Derg (het anti-imperialistische nieuwe bewind): martelingen, verdwijningen. Ook hun vader wordt gepakt en gemarteld, omdat hij de bijna dood gefolterde dochter van de nieuwe leider heeft laten sterven. Deze roman beschrijft in een meesterlijke combinatie van werkelijkheid en fictie het bij ons nauwelijks bekende drama van een vreselijke ‘regime change’ in Ethiopië. Een boek van uitzonderlijke emotionele en poëtische kwaliteit. Een buitengewoon geslaagde debuutroman van deze jonge Ethiopische-Amerikaanse schrijfster. Paperback; kleine druk. (NBD/Biblion, Harrie M. Leyten)

Tsahai (2001)

Tsahai

Flaptekst: Rene van Slooen werkte ruim acht jaar (1967- 1975) in de suikerfabrieken van de ‘Handelsvereniging Amsterdam’ in Ethiopië. Dit boek bevat in tien korte verhalen een aantal herinneringen aan die periode.

Titel: Tsahai, Zonnebeelden uit het Rijk van de Leeuw van Juda – Auteur: René van Slooten – Uitgever: Stadsdrukkerij Amsterdam, 2001 – ISBN: 90 5366 096 8

Recensie: Wij, Nederland, de HVA, hadden van 1950 tot 1976 enkele suikerplantages en fabrieken in Ethiopië. Wij brachten, meer en meer tezamen met Ethiopiërs, een bloeiende cultuur tot leven. Met de marxistische revolutie in 1975 was het echter meteen afgelopen. De schrijver werkte er acht jaar, en schrijft in tien hoofdstukken zijn herinneringen aan die ‘mooiste jaren van mijn leven’ in een land waar het leven met een ongekende intensiteit wordt geleefd. Hij spreekt in zijn voorwoord van een ‘ode aan Ethiopië’. En de lezer raakt meer en meer onder de inruk van het land, van de bevolking, van de spiritualiteit, de sterke eigen cultuur (culturen). De schrijver toont groot respect voor de mensen en hun leefwereld, vooral voor de vrouwen (met ook enkel woorden over bisschop Boomers-later in Haarlem-, die in Ethiopië zulk geweldig werk deed). Op een heel natuurlijke manier en met verrassend gevoel voor detail beschrijft hij het land, zijn ontmoetingen, de Keizer, reizen naar Harar en Diredawa. Met aan het eind een ontroerende brief van een Ethiopische priester. Een ode, niets te veel gezegd. Eenvoudig uitgegeven, volle bladspiegel. (NBD\Biblion, J Rijsterborgh)

Een ochtend in Irgalem (2009)

Een ochtend in Irgalem

Flaptekst: 1937. De jonge legeradvocaat Pietro Bailo is voor een netelige kwestie van Turijn naar Addis Ababa gestuurd, de hoofdstad van Ethiopië. Hij moet een sergeant verdedigen, maar nog voor het proces is begonnen lijkt iedereen er al van overtuigd dat deze Prochet ter dood moet worden veroordeeld. In het dossier leest Piedro gruwelijke verhalen over verdwijning, afslachtingen en het platbranden van dorpen. Hij probeert achter de waarheid te komen, maar krijgt zo weinig medewerking dat hij zich serieus afvraagt waarom ze hem in godsnaam op deze zaak hebben gezet, vijfduizend kilometer van huis, ver weg van zijn liefje in Turijn.

Titel: Een ochtend in Irgalem – Auteur: Davide Longo – Uitgever: De Geus 2009 – ISBN: 978 90 445 1247 2 – Vertaler: Pieter van der Drift

Recensie: De jonge legeradvocaat Pietro Bailo is in 1937 uit Turijn naar het door de Italianen gekoloniseerde Ethiopië vertrokken om sergeant Prochet te verdedigen. Prochet stond aan het hoofd van een groep verkenners die gemoord en geplunderd hebben. Voor sommigen is hij een van de oorlogshelden die Italië een nieuw imperium hebben gegeven. Maar voor de meesten is hij een moordenaar die zo snel mogelijk uit de weg moet worden geruimd. In feite is hij een speelbal in de handen van zijn superieuren: ze hebben hem en zijn gewelddadige karakter gebruikt toen ze hem nodig hadden, maar nu laten ze hem vallen als een baksteen. Hij is de zondebok voor alles wat verkeerd ging tijdens de kolonisering van Ethiopië. Maar er is ook een tweede verhaallijn: de persoonlijk geschiedenis van Pietro, die niets liever zou doen dan terugkeren naar Turijn en naar Clara, de vrouw van wie hij houdt. Toch heeft hij in Afrika een relatie met de mooie Teferi; ook anderen hebben een oogje op haar…Een intense roman die zich beperkt tot het essentiële zonder enige vorm van folklore. Debuut van de Italiaanse auteur, filmer en tv-maker (1971) Ook zijn tweede roman, ‘De Steeneter’ verscheen in vertaling. Gebonden, kleine druk (NBD\Biblion, Bernard Huyvaert)

De laatste kinderen van Job (1972)

De laatste kinderen van Job

Flaptekst: Ontwikkelingshulp moet een daad zijn van menselijke betrokkenheid. Dat bewijst dit documentaire verhaal van een willekeurige voorpost in Afrika, waar Nederlanders zich vanuit een innerlijke verplichting engageren met het lot van een groep onderbebeelde medemensen. Het decor is Ethiopie, de voorpost heet Ado, de mannen aan het ontwikkelingsfront zijn Nederlandse paters Lazaristen. Hun inzichten, wenden, problemen en mogelijkheden werpen een verhelderend licht op wat gedaan – en – nagelaten moet worden in onze relatie tot de Derde Wereld.

Jan Derix koos voor ‘berichtgeving’ als genre voor zijn boek, (‘Ik wil me houden aan de werkelijkheid’).

Titel: De laatste kinderen van Job – Tijdingen uit het dorp Ado in Zuid-Ethiopië – Uitgever: Gezamenlijke uitgave van de Stichting Ontwikkelingshulp vanuit Geuzenveld – Amsterdam en de Nederlandse congregatie der paters Lazaristen (1972). Auteur: Jan Derix Foto’s: René De Swart.

De geschiedenis van Rasselas Prins van Abessinie (1983)

De geschiedenis van Rasselas

Flaptekst: Samuel Johnson (1709-1784) verhaalt in deze wijsgerige roman de geschiedenis van een jonge Abessijnse prins. Deze prins leeft ongelukkig als gevangene in een aards paradijs en ontsnapt met drie andere ontevredenen naar De Buitenwereld. Met zijn zuster, haar hofdame en een wijze dichter onderzoekt hij alle levenswijzen en maatschappelijke situaties die geacht worden naar het geluk te leiden. Na enige leerzame avonturen en overtuigd van de zinloosheid van hun speurtocht, besluiten zij terug te keren, wijzer, maar niet zekerder over de juiste ‘levenskeuze’. De oosterse  achtergrond van het verhaal onderstreept de algemeenheid van de ijdelheid van het menselijk verlangen. Het geluk in deze wereld is kortstondig en van toevalligheden afhankelijk. Slechts de mens blijft zoeken en hopen, en daarbij het oog op de eeuwigheid gericht houdt, kan wellicht enige bevrediging vinden in het leven. Een der grootste prozaschrijvers uit de Engelse literatuur stelt de vraag naar de zin van het bestaan en haalt daarbij zeer actuele aspecten aan.

Titel: De geschiedenis van Rasselas prins van Abessinie. – Auteur: Samuel Johnson – Uitgever: Het Spectrum 1983 ( 1759) ISBN: 90 9163 1 (Klassieken) In het Nederlands vertaald door Wim Tigger.

Recensie: Een jonge Abessijnse prins, ongelukkig als een gevangene in een aards paradijs, ontsnapt met drie andere ontevredenen naar de buitenwereld, waar hij alle levenswijzen en maatschappelijke situaties onderzoekt, die geacht worden naar het geluk te leiden. Na enige leerzame avonturen (gepaard gaande met vele filosofische bespiegelingen) komt een ieder van het gezelschap tot de conclusie dat zijn eigen ideaalbeeld niet te verwezenlijken is. De 18e eeuwse, nog zeer leesbare en vaak actuele novelle, wordt gevolgd door een lang gedicht “De IJdelheid van het Menselijk Verlangen” (naar een satire van Juvenalis). De vertaler, die het oorspronkelijke taalgebruik goed in het Nederlands heeft weten te handhaven, heeft aan het boek een zinnig nawoord toegevoegd. (NBD|Biblion recensie, Willem Bilderbeek)