Bevolkingsgroep: Argobe


Deze bijzondere bavianen komen alleen in Ethiopië voor. In het Amhaars worden ze che’elada genoemd, wat ‘bloedend hart’ betekent. Ze hebben namelijk op hun borst een lichtroze onbehaarde plek in de vorm van een hart, dat in opgewonden toestand felrood wordt. Het mannetje heeft een opvallende harige schoudermantel. Ze leven langs de rotswanden en steile hellingen van het Simiengebergte en gaan nooit ver weg van de bergkammen. Want ’s nachts gaan ze naar beneden en verblijven, vaak dicht tegen elkaar aan (in verband met de kou) in grotten om de kou te trotseren. Als ’s morgens de zon opkomt klimmen ze weer naar boven. Ze leven in groepen met een dominant mannetje dat waakt over zijn harem en nageslacht.

Ook bijzonder is dat ze gras eten. Het gras wordt met de handen geplukt terwijl ze op hun billen voortschuifelen.

Nijlpaarden leven op plaatsen waar veel water en plantengroei is. Het zijn grazers, ze eten voornamelijk gras, maar ook knollen, wortels en bladeren staan op het menu. Er wordt voornamelijk ’s nachts gegraasd. Nijlpaarden zijn landdieren, ondanks dat ze een groot deel van de dag in het water doorbrengen. Het lichaam is goed aan het water aangepast. Zo zitten zijn oren, ogen en neus bovenop zijn snuit. Hij hoeft maar een klein stukje uit het water te komen om te zien en te horen wat er in zijn omgeving gebeurt. |Hij kan een kwartier onder water blijven. Ze leven in groepen. ondanks dat ze groot en log zijn bewegen ze zich snel. De nijlpaard is gevaarlijk voor de mens; de meeste ongelukken in de natuur met dodelijke afloop staat op zijn conto. Gespot in het Nechisar National Park.

Struisvogels zijn de grootste vogels die er bestaan. De struisvogel heeft een lange nek en lange, sterke poten. Zijn nek en kop zijn bedekt met korte, haarachtige veren. Het mannetje heeft een zwart verendek, met witte uiteinden van de vleugelveren Het vrouwtje is kleiner en is bruin/grijs van kleur. Met zijn sterke poten kan de struisvogel wel 70 kilometer per uur rennen. Ook gebruikt de struisvogel zijn poten als wapen. Zodra de struisvogel zich bedreigd voelt, trapt hij met zijn sterke poten naar voren. Deze poten lijken meer op een hoef dan op een vogelpoot. Ze hebben namelijk maar twee tenen. Zijn menu bestaat voornamelijk uit gras, wortels, zaden en bladeren. Soms jaagt hij op kleinere dieren, zoals insecten. De struisvogel kan een tijdje zonder water en kan daardoor lang in droge gebieden overleven.

De Kniphofia wordt ook wel Vuurpijl of Fakkellelie genoemd. Ze kunnen tijdens de bloei wel 90 centimeter hoog worden. De bloemen zijn aantrekkelijk voor bijen, vlinders en andere insecten. Gespot in het Simien National Park.


De bergnyala is een stuk groter dan de gewone nyala. Hun vacht is ruig, bruingrijs gekleurd met witte vlekken op de dijen. De keel is ook wit en de hoorns zijn gedraaid als een spiraal. Schouderhoogte is 120 tot 135 centimeter. De dieren leven van gras, planten, twijgen en bladeren. Overdag houdt het dier zich schuil en gaat voornamelijk in de ochtend- en avondschemering op zoek naar eten. Je vindt ze op de hoogvlakten van Ethiopië. Gespot in het Bale Mountains National Park.

De Walia-ibex, leeft hoofdzakelijk in de steile rotsachtige klifgebieden van het Semien National Park. Door zijn opvallende kleuring en prachtige boogvormige hoorns is de Walia steenbok een prachtig dier om te zien. Zij hebben een chocolade- tot kastanjebruine vacht, zijn grijsbruin rond de snuit, een tint lichter rond de ogen, benen en romp. De buik en binnenkant van de benen zijn wit. De mannetjes hebben een zwarte baard. De lengte van de baard varieert met de leeftijd. Zowel mannetjes als vrouwtjes hebben hoorns, die in een elegante boog naar achteren buigen. De kans om ze te spotten is niet groot want ze zijn schuw en op hun hoede voor ons…de mens. Tijdens de burgeroorlog van Mengistu is de populatie flink uitgedund. Vele hongerige soldaten hebben ze gedood en opgegeten. Ook voor de bevolking was de Walia een welkome aanvulling voor de dagelijkse maaltijd. Gelukkig neemt het aantal de laatste jaren weer toe. Het zijn grazers. Ze zijn het meest actief in de ochtend en ’s avonds.

Hij wordt ook wel ‘Simien-vos’, ‘Abessijnse wolf’ of ‘rode jakhals’ genoemd. De Ethiopiërs noemen hem de ‘Ky Kebero’ (rode jakhals). Volgens kenners is het geen vos of wolf maar een aparte en unieke soort van de Afrikaanse wilde hond. Hij heeft een schofthoogte van ongeveer 60 centimeter en is iets groter dan een jakhals. Het is een aaseter, maar af en toe haalt een groep ook een antilope neer. Er komen nog maar weinig Simien foxen voor. Dit vanwege ziekten die sinds het begin van de tweede helft van de twintigste eeuw onder de hondachtigen voorkomen. Je treft ze alleen hoog in het noordelijke gebergte van Ethiopië aan. Er zijn er nog ongeveer vijfhonderd over, waarvan slechts vier groepen groot genoeg zijn voor voorplanting (een groep van twintig of meer). Hoe zeldzaam ze ook zijn, er bestaat een grote kans dat je er een in het Bale Mountain National Park tegenkomt. Ze leven in roedels maar gaan meestal alleen op jacht.



Flaptekst: Caïro, eind negentiende eeuw. Penrod Ballantyne en zijn verloofde Amber lijken een rooskleurige toekomst tegemoet te gaan, maar een jaloerse ex-geliefde gooit roet in het eten. Hun wegen raken van elkaar gescheiden. Terwijl Penrod zijn verdriet probeert te verdoven met opium, vertrekt Amber met haar avontuurlijke zwager Ryder Courtney op een gevaarlijke reis naar Addis Abeda.
Daar dreigt de strijd om Abessinië, het huidige Ethiopië, los te barsten. Het Italiaanse leger bereidt een invasie voor en de koning van Abessinië maakt zich klaar voor de strijd. Penrod bevindt zich aan Italiaanse zijde, maar zijn verloren geliefde Amber staat samen met de Courtneys aan de kant van de koning. Wie staat er aan de goede kant? En kunnen Penrod en Amber elkaar in deze noodlottige situatie nog terugvinden, of is het te laat?
Triomf van de koning zet de machtige families Courtney en Ballantyne lijnrecht tegenover elkaar in dit bloedstollende avontuur vol liefde, verraad, moed en oorlog.
Titel: Triomf van de koning – Auteur: Wilbur Smiyh – Uitgever: Xander Uitgevers – ISBN: 9789401611008
Recensie: Ryder Courtney gaat samen met zijn vrouw Saffron en haar tweelingzus Amber naar het vroegere Abessinië om daar een zilvermijn te openen. Onderweg wordt hun schip met materiaal door sabotage tot zinken gebracht maar toch zetten ze door. De plaatselijke bevolking is soms vijandig en het stamhoofd eist een stevige belasting in ruil voor veiligheid. Er ontstaat een oorlog tussen de Italianen die het gebied als kolonie willen inlijven en de bevolking. De Italianen worden verslagen. Courtney laat de mijn over aan zijn mensen en keert terug naar de beschaafde wereld. Dit is een spannende avonturenroman. Veel acties en dialogen vergemakkelijken het lezen. Doordat de spanning van begin af aan wordt opgevoerd is het boek haast niet weg te leggen. De personen zijn niet meer dan stereotypen, maar dit is geen bezwaar. Historisch gezien kloppen de gebeurtenissen, waardoor het verhaal geloofwaardiger wordt. De afloop is voorspelbaar, maar zeer bevredigend. Liefhebbers van Wilbur Smith en/of avonturenromans zullen ook dit boek zeer waarderen. Langverwachte vervolg op ‘Triumpf van de zon. (Mede naar gegevens van O. van Asselt

Op weg naar Turmi (Zuid-Ethiopië), gespot in plaatsje Weyto.

De Desert Rose is te herkennen aan zijn prachtige rozerode bloemen en zijn grote caudex; een gezwollen verbinding tussen de wortels en de basis van de stam. De stam en takken hebben meestal een grijze kleur, maar kunnen ook een groenachtig grijze of bruine kleur hebben. De boom/struik groeit langzaam en kan de hele jaar doorbloeien.


