Een leuke ontmoeting met ‘drie kleine kleutertjes’







Kom we gaan gezellig ‘vlooien’!

Iets dichterbij graag!

Ik wil ook meedoen…moet dat nou!

Met zijn tweeën is toch leuker…zo nu even liggen dan kan ik er beter bij!
Van heiligen worden de wonderbaarlijkste daden vermeld in hun legenden. Zo ook van het leven van Tekla Haimanot, een belangrijke heilige in de Kerk van Ethiopië. In elke Ethiopische kerk is een afbeelding van hem te vinden. Hij ligt begraven in de crypte onder de kerk van Debre Libanos, waardoor de plaats een druk bezocht bedevaartsoord is geworden.
Het leven van Tekla Haimanot start als een kopie van het leven van Jezus. Zijn vader heette Jozef en was timmerman, Maria was zijn moeder. Enkele dagen voor zijn geboorte werd hij aangekondigd door een prachtig lichtschijnsel boven zijn ouderlijk huis. Het bleef schijnen totdat hij was geboren. Veertig dagen na zijn geboorte moest hij worden gedoopt. Het is gebruikelijk in Ethiopië dat een jongen na veertig en een meisje na tachtig dagen wordt gedoopt. Toen de priester het kind wilde dopen, raakte hij zo onder de indruk van de natuurlijke schoonheid van het kind dat hij diep verzonken in bewondering het kind uit zijn handen liet vallen. Het zou Tekla Haimanots dood geweest zijn, maar onzichtbare handen hielden hem vast zodat hij net boven de harde vloer bleef zweven.

Vele geloven dat Tekla Haimanot de duivel bekeerde en hem zover kreeg dat hij veertig dagen de rol van een monnik vervulde. Maar later, de duivel zou de duivel niet zijn, probeerde de duivel hem als vergelding in een ravijn te laten vallen. Tekla Haimanot was toen op weg naar het klooster Debre Dabo dat op een steile rots gebouwd is.
Hij werd met een leren koord omhoog gehesen; de duivel knipte het koord door. Onmiddellijk kreeg hij heilige vleugels die zijn val blokkeerden en hem omhoog droegen. DSCN2214-Daarom zie je de heilige in veel kerken met vleugels afgebeeld. Een andere keer, toen hij weer tegen de loodrechte rotswand op moest, verscheen er op zijn gebed een grote slang. Tekla schrok van het monster, maar de slang sprak: “Wees niet bang, ga maar op mijn staart zitten’. En zo werd hij naar boven gedragen.

Volgens de legende zou Tekla Haimanot uit dankbaarheid zeven jaar zonder onderbreking en staand in een vijver hebben gebeden totdat zijn been er uiteindelijk afviel. Maar dat deerde hem niet; hij ging eenvoudig door met bidden. Er wordt verteld dat het been in Addis Ababa wordt bewaard als wonderdoend relikwie. Het zou meer kracht bezitten dan alle geneesmiddelen van de wereld bij elkaar.


Na vele kleine straatjes komen we eindelijk op de ‘stoffige’ plek waar voornamelijk ‘teff’, een kleine graansoort die in Ethiopië wordt verbouwd, tot meel wordt vermalen!
Wachten is geen probleem! Het is druk in de stoffige malerij! Het zijn veelal kleine hoeveelheden voor persoonlijk gebruik.

Daar is hij dan…de eerste mag naar voren komen

Daarna nog naar een andere afdeling, de kleur zegt het al ‘Berbere’! (mengsel van rode pepertjes en andere kruiden)

Hoesten, kuchen en tranende ogen was het resultaat! Snel naar buiten waar onze Ethiopische vriend, die buiten bij de auto was gebleven, keihard stond te lachten en zei: ‘Ja, nu snap je waarom ik niet mee ging!

Even de dorst lessen in een klein lokaal tentje

Hier wordt niet zo vriendelijk naar elkaar gekeken

Het oude vervoermiddel de Gari (paardentaxi) en de moderne bus

Woningen aan de rand van het stadje

Er was eens een hond, een ezel en een geit. Ze waren dikke vrienden en wilden samen wel eens een stukje autorijden. De dieren hadden geen auto dus besloten ze om een taxi te nemen. Ze vonden het geweldig. De hond blafte opgewonden, de geit mekkerde, vooral als ze de bocht omgingen, en de ezel balkte van plezier. Aan het eind van de rit stapte de ezel uit en betaalde de taxichauffeur. De hond betaalde ook maar de chauffeur vergat het wisselgeld terug te geven. De geit stapte ook uit maar was nog zo aan het mekkeren dat zij vergat om te betalen.
Nu weet je waarom in Afrika een hond altijd achter een auto aanrent: hij wil zijn wisselgeld terug!
En waarom een geit altijd angstig wegrent als er een auto aankomt: zij is bang dat zij nog moet betalen.
En waarom een ezel gewoon op de weg blijft staan als een auto voorbij wil: waarom zou hij aan de kant gaan, hij had toch betaald!
Een verhaaltje uit het door mij geschreven kinderboek: ‘Tadijas?’


In de omgeving van Arba Minch

De rivier de Awash

Onderweg naar een Nuer-dorp kwamen we deze kinderen tegen, even stoppen natuurlijk!

Uit de tas van de ‘faranji’ (vreemdeling) kwamen enkele plastic beestjes te voorschijn, maar ja, wat is dit, wat kun je ermee?

Na enig onderzoek werd het duidelijk en begonnen ze spontaan, gewoon midden op de weg’ te spelen

Het eiland Tulu Godo heeft geen aanlegsteiger. De bootsman heeft dan ook moeite om de boot af te meren. Uiteindelijk lukt het maar… we houden onze voeten niet droog. Met soppende voeten in de schoenen klimmen we een steil kronkelig pad naar boven. Dit keer bezoeken wij de andere kant van het eiland.
Allereerst zien we het schooltje; de lessen zijn in volle gang.

Aan deze kant van het eiland staan maar enkele hutten. Op het dun bevolkte eiland leeft men van de landbouw en visvangst.

Er komen niet veel bezoekers op het eiland. Dit meisje staat stoer naar ons (twee enge blanke mensen) te kijken, haar zusje blijft voorzichtig iets achter.

Met mama in de buurt en een ‘bloemenplakkertje’ op de hand is het toch net iets veiliger! Meer info over het eiland Tulu Godo is te vinden in mijn boek ‘Ethiopië, ongekend anders’

Op het eiland Tulu Godo in het Ziway-meer bevindt zich het eeuwenoude Debre Tsyon-klooster. Het eiland is meer dan zeventig jaar een veilige schuilplaats geweest voor de Ark des Verbonds. Volgens de plaatselijke overlevering brachten priesters samen met de inwoners van Aksum de Ark in de tiende eeuw naar het eiland. Dit om de Ark uit de handen van koningin Gudit (monster) te houden, want zij richtte in die tijd enorme vernielingen aan.

Via een kronkelig, dichtbegroeid pad dat steil omhoog gaat belanden we voor een stenen kerkmuur met een gesloten houten poort. Roepen, zelfs met stemverheffing helpt niet, niemand doet open. We gaan op zoek naar de priester die bij de kerk hoort.
De priester heeft de poort ontsloten en gaat ons de kerk laten zien. De kerk is veertig jaar geleden gebouwd ter vervanging van de oude, die bouwvallig was. De gelovigen zijn blij want de kerk is nu dichterbij en beter te bereiken dan de oude.

Het interieur van de kerk is zeer kleurrijk door de vele schilderijen en kleden die de wanden en vloeren bedekken. Alles is vervaardigd en geschonken door Aksum. Later, als de kerk weer gesloten is, laat de priester ons door een met dikke stevige spijlen beveiligd raam de kostbare stukken zien van de oude kerk.



Onze kok bezig met het bereiden van het avondeten


Waldo schakelt altijd lokale mensen in om te helpen. Deze afspraak hebben we samen gemaakt. Op deze manier kunnen de mensen iets verdienen. We hanteren het ‘Voor wat hoort wat’ principe. We geven nooit zomaar geld!! Ook kookt hij altijd veel meer dan nodig zodat de helpers ook kunnen mee-eten. Wij genieten van het heerlijke eten maar ook de Hamar-mannen waarderen het!

Hij wordt ook wel Simien vos, Abessijnse wolf of rode jakhals genoemd. De Ethiopiërs noemen hem de Ky Kebero (rode jakhals).Volgens kenners is het geen vos of wolf, maar een bijzondere en unieke soort van de Afrikaanse wilde hond.
Het is een van ’s werelds zeldzaamste hondachtigen, en Afrika’s meest bedreigde carnivoor. Ze leven in roedels, maar gaan meestal alleen op jacht. De voeding bestaat voornamelijk uit kleine knaagdieren maar af en toe haalt een groep ook een jonge antilope neer.


Na een klein uurtje varen en 10 minuten lopen via een bospad omgeven door wilde koffiestruiken en onder ‘begeleiding’ van vele kinderen staan we voor de poort. De kerk dateert uit de 16e eeuw. Het klooster werd in de 14e eeuw gesticht door Betre Mariyam.
De kerk heeft prachtige schilderingen veelal verborgen achter gordijnen/doeken of houten luiken. Op het terrein is ook een klein museum waar kronen, prachtige, geborduurde gewaden, kruisen en Bijbels te bewonderen zijn. Deze kostbaarheden worden bewaakt door mannen met Kalashnikovs.