Tagarchief: Foto’s: ©Lou Andreoli
Yabelo
Yabelo ligt ruim 200 kilometer ten zuiden van Dila, zo’n 5 kilometer ten oosten van de hoofdweg naar Kenia.

De vrouwen dragen kleurrijke kleding, willen liever niet op de foto, oké, …de geit wel!

Op weg naar de markt

Op de markt

Ieder plekje wordt benut
Babile en omgeving
Kamelen-markt
Aan de weg naar Somalië ligt het stadje Babile. Normaal een rustig stadje maar op maandag en donderdag verandert dat; de Kamelen-markt, een van de grootste veemarkten wordt dan gehouden. Handelaren uit Djibouti, Somalië en Ethiopië verhandelen hun kamelen (dromedarissen) koeien, ezels en geiten.

De markt is omgeven door een muur

Eenmaal door de poort krijg je een kleurrijk beeld van de drukke markt.


Het is indrukwekkend om daar rond te lopen maar je moet ogen voor en achter hebben want voordat je het weet heb je een aanvaring met een dromedaris.

Bevolkingsgroep: Argobe
Bevolkingsgroep: Banna
Koremi en omgeving
Koremi en omgeving
Deze bijzondere huizen zijn te vinden in het dorpje Koremi

In tegenstelling tot de meeste huizen in de omgeving, zoals in Harar, zijn de huizen in Koremi gebouwd van stenen en niet geverfd of bewerkt.

Lalibela en omgeving
Een ontmoeting in het gangenstelsel

Lopend in het onderaards gangenstelsel met zijn vele gangen, steegjes, smalle richels en uitgesleten trappen, omgeven door de mystieke sfeer van geurende wierookbranders, priesters met handkruisen, monniken in opvallende knalgele gewaden, biddende pelgrims, ritueel schoenen aan en uit en de vele prachtige uitgehouwen kerken kwamen we deze vriendelijke man tegen.
De kerkdeur op een kier…even een luchtje scheppen en een praatje maken met bezoekers.
Adama (Nazareth)
Adama (Nazereth)
Bevolkingsgroep: Borene
Bevolkingsgroep: Anuak
Vissen in de Baro-rivier

Er wordt iedere dag door de kinderen gevist, veelal zijn het kleine visjes die op het doek belanden. De was en het spelen gaat ook gewoon door!

We hebben wat gevangen!

Gauw naar de kant

Het resultaat…een waardevolle aanvulling voor de dagelijkse maaltijd.
Bevolkingsgroep: Dassanech
Metahara en omgeving
Simien Mountains National Park
National park

Het Simien Mountains National Park is in 1969 opgericht, ter bescherming van drie inheemse dieren: de Walia Ibex, de Gelada baboon, en de Ethiopian wolf. Ook is de streek van mondiaal belang voor het behoud van biodiversiteit. De UNESCO heeft het nationale park op de lijst van mondiaal beschermde natuurgebieden geplaatst. Het park heeft een oppervlakte van ongeveer 179 vierkante kilometer en de hoogte varieert van 1900 tot 4430 meter. De temperatuur schommelt overdag tussen de 11,5 en de 18 ̊ C en ’s nachts kan het tot onder het vriespunt dalen.

Het landschap is prachtig. Miljoenen jaren erosie op het plateau van de Simien bergen creëerde het bijzonder landschap van gekartelde bergruggen, diepe valleien en steile afgronden van wel 1.500 meter diep. Het bergmassief is opgebouwd uit diverse gesteente: zandsteen, kristalrotsen en vulkanisch gesteente. Simien heeft steile bergen. De hoogste piek, de Ras Dashen (4543 meter) ligt net buiten de grens van het park. Ook is er een prachtige canyon die 60 kilometer lang is. Deze wordt wel eens vergeleken met de Grand Canyon in Amerika.

Er zijn drie vegetatiezones. De laagste zone (tot drieduizend meter) bestaat voornamelijk uit bouwland en weilanden. Vroeger was de zone dichtbegroeid met jeneverbessen en olijfbomen. De afgelopen jaren is er flink gekapt, waardoor ontbossing is ontstaan. Op de middelste hoogte (drieduizend tot zesendertighonderd meter) groeit sint-janskruid en reuzenheide. De hoogvlakte (boven de zesendertighonderd meter) is bedekt met verschillende soorten gras en (soms) grote velden gele en rode strobloemen. Ook komt de prachtige reuzenlobelia hier voor.
Naast de beschermde dieren komen er meer dan 20 soorten grote zoogdieren en 130 soorten vogels in het park voor. Echter, menselijke verstoring heeft het aanbod van habitats beschikbaar voor wilde dieren in het park verminderd.
Een gedeelte van het park is door mensen in gebruik, dorpjes, landbouwgronden en branden vormen een bedreiging voor het park. Het is moeilijk om de mensen uit het park te verhuizen. Begrijpelijk want hun verre voorvaderen woonden hier al en…moeten ze (zo denken de parkbewoners) nu wijken voor planten en dieren; zijn die belangrijker dan wij? Toch is er al een duidelijke verandering zichtbaar zo hebben natuurbeschermingsorganisaties samen met de regering de boeren betrokken bij de bescherming van de natuur en het wild. Boeren werken als scout of gids en de Gelada’s worden niet meer, zoals vroeger, met stenen van de landbouwgronden verjaagd maar jongens bewaken de oogsten
Een gravelweg brengt je in het park. Deze goed berijdbare weg gaat tot ver in de bergen. Smalle bergpaden verbinden de verspreid liggende dorpjes die in het park liggen. Deze zijn alleen te voet of met een paard of ezel te betreden. Er wonen voornamelijk Amharen in het park, zij proberen in hun bestaan te voorzien door het verbouwen van gewassen en het houden van vee. Een kleine groep moslims heeft naast landbouw en veeteelt, weverijen waar ze omslagdoeken en gekleurde mutsen maken; op meerdere plaatsen worden deze hangend in de bomen, wapperend in de wind, aangeboden.








